17 december 2009
Voor ons plattelanders is het heel wat: een weekendje Rotterdam. Het is ten slotte alweer 10 jaar geleden dat ik er werkte en 31 jaar geleden dat ik er werd verwekt. Dat stadse slijt. En dan blijft er een naïeve ziel over. Een ziel die tegen 14.30 uur denkt ‘laten we vroeg die kant op gaan’, terwijl het concert om 20.00 begint. Elke Randstedeling weet dat je in die tijdspanne nauwelijks van A naar B komt, laat staan helemaal van H (Hengelo) naar R (Rotterdam).
Aldus verzuchtten wij tegen 18.00 uur: ‘dit zijn ze dus.’ De files. We horen ze elke dag op de radio, maar zien ze nooit. En wat een boer niet ziet... Na een tijdje lijkt het filenieuws puur entertainment. Gewoon opvulling en aanleiding voor leuke taalspelletjes als ‘Zeg eens Aaa’ van Claudia de Breij (Radio 3FM).
Ze doet dat spel met een willekeurige filelezer, want die weten alles van A’s. Waar ze liggen en wanneer ze vol staan, bijvoorbeeld. Regels van het spel: Claudia stelt een vraag en het antwoord begint altijd met de A. Daar op die A20 richting Rotterdam was ik er al voor in de stemming. Later die avond helemaal, met als enige vraag: wat is de beste zangeres van Nederland?
Een stukje stilstaan verder, arriveerden we bij Hostel ROOM in centrum Rotterdam. Inchecken en op naar de Ahoy. Voor het laatste van vier uitverkochte concerten van Anouk. Mooie teksten en een fantastische stem; de show was 2,5 uur genieten. Anouk, rockte, bluesde en soulde erop los, met toch al een flinke buik van haar vierde kindje. Respect Momma!
De volgende dagen bezochten we musea, liepen door de stad en gingen uit eten. Natuurlijk ook bij Hotel New York. Daar deed Anouk naar verluid inspiratie op voor haar gelijknamige CD. Toch leuk zo’n themaweekend. Al gingen we vooral vanwege de originele kaart en het uitzicht op de Maas met lichtjes. (Nog de complimenten aan kok Pieter, die de neef blijkt te zijn van m’n nieuwe copywriter collega Marije Nieuwenhuis).
Op zondagavond reden we terug. De wegen werden langzaam leger. De dag werd donker. En onder de lichtjes van Twente bedacht ik: ik zag in drie dagen meer Rotterdam dan toen ik er elke dag kwam. Wat een stad!