5 februari 2009
Gisteravond bekeek ik op uitzending gemist een paar Zembla’s. Internet tv is een groot goed: zit je stemming op één golflengte met een bepaald programma, dan surf je daar lekker in door. Ik had de ontmasker-misstanden-smaak te pakken en hield samen met Zembla de maatschappij tegen het licht. Zo ook de macht van een medium. Niet van onze kranten en televisiemakers, maar van de hoogbegaafde mediums.
Van Zembla hoor ik dat 1/3 van de Nederlanders gelooft dat medium Char met overledenen kan communiceren. Weer prijs ik de online tv, die ik even stil kan zetten om dit schokkend hoge aantal te verteren.
...
Waar de media verdient aan de Waarheid, scoren mediums dankzij de Wensheid. Zo stelt tenminste hoogleraar godsdienstpsychologie Jacques Janssen in deze uitzending. Hij zegt ‘De rol van de kerk in de samenleving wordt steeds kleiner, maar de grote levensvragen blijven. Om die vragen aan te kunnen grijpen mensen naar een andere vorm van steun’. Is het niet vreemd dat het geloof in een God inwisselbaar is met het geloof in Geesten?
Als het in de krant staat is het waar. Zwart-op-wit gedrukt straalt autoriteit uit. Die autoriteit werkt ook voor de andere kant van de medaille, 180 graden verderop. Een medium als Char zegt wat haar publiek wil horen, en dus is het waar. Nou is vragen stellen voor ieder medium onmisbaar; het is de grondslag van de journalistiek. Maar als je 44 vragen in 5 minuten nodig hebt (Char) om tot een vage conclusie te komen, zou ik het ook niet zwart op wit zetten. En de journalistiek heeft nog zo’n mooi beginsel: hoor en wederhoor. Geest, nou vráág ik je...