17 juni 2010
Is er iets onschuldiger dan de eerste woordjes van een kind? Ze zijn een jaar of twee en stralen van trots. Papa, mama, poesje, hondje. Opa en oma stralen nog meer en bieden tegen elkaar op. ‘Bij de kinderopvang zeggen ze ook al hoe intelligènt hij is!’ Totdat je die ene opa tegenkomt die kweker is van beroep. Hij heeft een gezonde dosis Twentse humor en leert kleinzoon plantennamen. In het Latijn. Een dennetje heet bijvoorbeeld ‘pinus’ in de plantenwereld. Knap toch, als je tweejarige kleinzoon rond keutelt tijdens een bezoek van internationale klanten, op een den wijst en ‘pinus’ verklaart. Die lui waren onder de indruk, neem dat van mij aan. Glimmen all around. En dan denkt zo’n ukkie: daar ga ik nog es mee scoren.
Twee dagen later al zag hij z’n kans schoon. Tijdens een wandelingetje met papa op het grote grasveld voor het huis. Hij was al een beetje moe, dus let niet op de uitspraak. De kleine man ontwaarde een den, nam een pose aan en riep: ‘Papa, penus!’. En kijk eens wat daar loopt. Een lief poesje. ‘Papa, poesje!’ Voordat zijn vader hem kan bereiken vindt hij z’n ritme. Wijzend van links naar rechts: ‘Penus! Poesje! Penus! Poesje!’ Verderop staan wat buren te kletsen. Ze zoeken verwoed, maar vinden geen gepaste pose.
Nee, er is niks onschuldiger dan de eerste woordjes van een kind.